Spring naar inhoud
← Terug naar handleiding Gebieden intekenen

Maak herkenbare gebieden op je terrein

Met gebieden deel je jouw terrein op in herkenbare stukken, zoals vakken, boomgroepen, borders of beheerzones. In deze tutorial maak je vanaf de terreinkaart een gebied, geef je het een naam en kleur en leer je hoe je de vorm later kunt aanpassen. De voorbeelden gebruiken een luchtfoto; de werkwijze geldt ook voor een schematische kaart.

Gebieden via Terrein openen Contour tekenen en afronden Naam en kleursterkte kiezen Vorm later aanpassen
Wanneer gebruiken?

Maak herkenbare delen op je kaart

Een gebied heeft een eigen naam en contour. Zo herken je delen van je terrein op de kaart en kun je later de planten in een bepaald gebied makkelijker terugvinden. Maak bijvoorbeeld één gebied per border of beheerzone.

Wat leer je?
  • Terrein → Gebieden openen en een nieuw gebied starten.
  • Met Kruisvizier of Tikken een contour tekenen.
  • Een naam, kleur en kleursterkte instellen.
  • Een opgeslagen gebied bekijken en beheren.
  • Contourpunten toevoegen, verplaatsen of verwijderen.
Stap voor stap

Zo teken je een gebied in GreenPlot

We starten op een terreinkaart met luchtfoto. Je maakt een nieuw gebied, tekent de contour, kiest de naam en kleur en leert daarna hoe je het gebied kunt bekijken en aanpassen. Op een schematische kaart werkt dit hetzelfde.

Stap 1

Open het gebiedenmenu

Tik bovenaan de terreinkaart op Terrein en kies Gebieden. Met Terrein bewerken kleur en teken je direct op de kaart. Met Gebieden maak je afzonderlijke, herkenbare delen van je terrein aan.

Het menu Terrein met de keuzes Terrein bewerken en Gebieden.
Stap 2

Maak een nieuw gebied aan

Het gebiedenoverzicht opent. Je ziet ook eerder gemaakte gebieden. Tik op + Nieuw gebied om een extra gebied te tekenen.

Bessen vak tijdens het intekenen en beheren in GreenPlot
Stap 3

Teken de vorm van je gebied

Zet de punten één voor één rondom het deel dat je wilt afbakenen. Kies Kruisvizier om de oranje markering te verplaatsen en met Plaats punt een punt toe te voegen. Met Tikken zet je punten direct op de kaart. De pijltjes helpen je een actie ongedaan te maken of opnieuw uit te voeren. Vanaf drie punten kun je de vorm sluiten met Vorm afronden. Plaats de punten op volgorde rondom je gebied, zodat de lijnen elkaar niet kruisen.

Bessen vak tijdens het intekenen en beheren in GreenPlot
Stap 4

Geef je gebied een naam en kleur

Geef je gebied een herkenbare naam, zoals Bessen vak. Kies daarna de gewenste kleur. Met de schuifregelaar Kleursterkte bepaal je hoe duidelijk de kleur op de kaart zichtbaar is: lichter laat meer van de luchtfoto zien, sterker laat het gebied meer opvallen. Tik op Opslaan.

Bessen vak tijdens het intekenen en beheren in GreenPlot
Stap 5

Controleer je opgeslagen gebied

Je ziet het ingetekende gebied nu op de kaart en in de lijst onderaan. GreenPlot bevestigt dat het gebied is opgeslagen. Gebruik Alles verbergen om de gebieden tijdelijk uit beeld te halen, of Alles in beeld om het overzicht te bekijken. Tik bij je gebied op Beheren om de details te openen.

Bessen vak tijdens het intekenen en beheren in GreenPlot
Stap 6

Bekijk en beheer je gebied

In het beheerscherm zie je onder andere de oppervlakte, omtrek, afmetingen en het aantal planten in je gebied. Je kunt het gebied tonen of verbergen, op de kaart opzoeken, de vorm aanpassen of de eigenschappen wijzigen. Het gebied verwijderen kan hier ook; gebruik die optie alleen als je het gebied echt niet meer nodig hebt.

Bessen vak tijdens het intekenen en beheren in GreenPlot
Stap 7

Pas de vorm later aan

Kies in het beheerscherm Vorm bewerken. De contourpunten verschijnen opnieuw op de kaart. Sleep een bestaand punt naar de juiste plek. Tik op een rand om een extra punt toe te voegen; een geselecteerd punt kun je met Verwijder punt weghalen. Tik op Opslaan als de vorm klopt, of op Annuleren om niet verder te gaan met de aanpassing.

Bessen vak tijdens het intekenen en beheren in GreenPlot
Stap 8

Pas de eigenschappen van je gebied aan

Pas bijvoorbeeld de naam, kleur of kleursterkte van Bessen vak aan. Bewaar je wijziging en bekijk het resultaat op de terreinkaart.

Eigenschappen van het gebied Bessen vak aanpassen
Stap 9 · Optioneel

Een gebied verwijderen

Wil je een gebied niet meer gebruiken? Open de beheermogelijkheden en kies verwijderen. Controleer je keuze in het bevestigingsvenster.

Bevestigingsvenster voor het verwijderen van een gebied
Je gebied is klaar

Je terrein heeft een herkenbare indeling

Je hebt nu een gebied ingetekend, een naam en kleur gekozen en gezien hoe je de contour later aanpast. Planten staan al op je kaart? Leer nu hoe je ze snel terugvindt, ook wanneer je terrein steeds voller wordt.

Volgende tutorial: planten terugvinden →
Verder inrichten

Ga verder vanaf je gebiedenkaart

Vind bestaande planten terug, werk plantdetails bij of gebruik terreinkleuren om je kaart verder in te richten.